Sinterklaasraadsels

Raadsels over Sinterklaas, zijn paard, de pakjesboot en alles wat in de schoen past. Voor in het sinterklaasgedicht, bij de pakjesavond of in de klas.

Nieuw gisteren toegevoegd

Ik heb een tong maar kan niet praten, een neus maar kan niet ruiken, en in november zet je mij bij de kachel of de haard. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

Een schoen.

18 dagen geleden toegevoegd

Ik ben lang en dun, ik word gemaakt van een bosje twijgen, en vroeger kreeg je mij in je schoen als je een beetje stout was geweest. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

De roe.

18 dagen geleden toegevoegd

Ik zit vol pepernoten, een chocoladeletter en een klein cadeautje, en ik word zelf ook nog feestelijk ingepakt. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

Een surprise.

18 dagen geleden toegevoegd

Ik klim behendig langs de schoorsteen naar beneden, draag een kleurrijk pak met een baret, en help Sinterklaas met alle cadeaus. Wie ben ik?

Bekijk antwoord

Zwarte Piet.

24 dagen geleden toegevoegd

Ik ben gemaakt van bladerdeeg en gevuld met amandelspijs, en ik heb de vorm van de eerste letter van je naam. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

Een banketletter.

25 dagen geleden toegevoegd

Ik kom elk jaar met de boot uit Spanje, ik heb een lange witte baard en een rode mantel, en kinderen zingen liedjes voor mij. Wie ben ik?

Bekijk antwoord

Sinterklaas.

25 dagen geleden toegevoegd

Ik ben wit, ik heb vier benen, ik loop 's nachts over de daken en ik ben dol op een wortel. Wie ben ik?

Bekijk antwoord

Het paard van Sinterklaas.

25 dagen geleden toegevoegd

Ik word 's avonds bij de kachel of de verwarming gezet, er gaat een wortel in en de volgende ochtend zit er iets anders in. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

De schoen.

25 dagen geleden toegevoegd

Ik ben klein, bruin en rond, ik smaak naar kaneel en kruiden, en ik word met handenvol door de kamer gestrooid. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

Een pepernoot of kruidnoot.

25 dagen geleden toegevoegd

Ik heb dezelfde vorm als de eerste letter van je naam en ik ben helemaal van chocola. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

De chocoladeletter.

25 dagen geleden toegevoegd

Ik ben groot, rood en dik, en er staat in of je dit jaar lief bent geweest. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

Het grote boek van Sinterklaas.

25 dagen geleden toegevoegd

Ik ben lang en goudkleurig, ik heb een krul aan de bovenkant en Sinterklaas houdt me altijd in zijn hand. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

De staf van Sinterklaas.

25 dagen geleden toegevoegd

Ik ben hoog en rood met een gouden kruis, en ik zit op het hoofd van Sinterklaas. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

De mijter.

25 dagen geleden toegevoegd

Ik vaar maar één keer per jaar, ik zit vol cadeaus en de hele kade staat te juichen als ik aankom. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

De pakjesboot.

25 dagen geleden toegevoegd

Ik ben roze, ik ben zoet, ik lijk op een dier dat knort en ik lig op pakjesavond op tafel. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

Een marsepeinen varkentje.

25 dagen geleden toegevoegd

Ik rijm, ik plaag een beetje en ik zit vastgeplakt aan een cadeau. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

Het sinterklaasgedicht.

25 dagen geleden toegevoegd

Ik ben groot en van jute, ik hang over een schouder en soms ga je erin als je stout bent geweest. Wat ben ik?

Bekijk antwoord

De zak van Sinterklaas.

Wanneer een sinterklaasraadsel van pas komt

Sinterklaasraadsels zijn er voor de weken tussen de intocht en pakjesavond. Ze passen in een sinterklaasgedicht, bij een speurtocht naar het cadeau, in de klas op de basisschool en aan tafel op de avond zelf. De meeste raadsels hier zijn beschrijvende raadsels in de stijl van 'wie ben ik' of 'wat ben ik': iemand beschrijft een voorwerp uit het sinterklaasfeest zonder het te noemen, en de rest raadt. Dat maakt ze geschikt voor kinderen vanaf een jaar of vier, omdat het antwoord altijd iets is wat ze zelf hebben gezien.

Een raadsel in het sinterklaasgedicht

Een raadsel werkt in een gedicht als opening of als hint naar het cadeau. Sint kan het raadsel stellen en het antwoord pas in de laatste regel geven, of het antwoord helemaal weglaten zodat de ontvanger het hardop moet roepen. Kies dan een raadsel dat past bij het cadeau: iemand die een chocoladeletter krijgt, mag eerst raden wat dezelfde vorm heeft als de eerste letter van zijn naam. Houd het raadsel kort, twee tot vier regels, anders zakt het gedicht in.

Rijm hoeft niet perfect te zijn. Een raadsel dat rijmt op 'schoen' en 'doen' is voor Sint al genoeg.

In de klas en bij de speurtocht

Op school kun je de raadsels op kaartjes zetten en in de kring voorlezen, waarbij kinderen het antwoord tekenen in plaats van roepen. Zo doet iedereen mee, ook wie het antwoord nog niet durft te zeggen. Bij een speurtocht door het huis vormt elk raadsel een aanwijzing naar de volgende plek: het antwoord 'de schoen' betekent dat het volgende briefje bij de schoenen ligt, 'het paard' verwijst naar de wortel in de koelkast.

Moeilijker maken voor oudere kinderen

Voor kinderen van tien en ouder zijn deze raadsels snel geraden. Maak ze lastiger door minder aanwijzingen te geven, door de kenmerken in een andere volgorde te zetten of door er een strikvraag van te maken. Vraag bijvoorbeeld wat er in de schoen zit als Sinterklaas nog in Spanje is, of hoeveel benen het paard van Sinterklaas heeft als hij op het dak staat. Combineer ze gerust met de strikvragen en de letterraadsels op deze site.

Een volledig voorbeeld

Begin van een sinterklaasgedicht voor een meisje van zeven: 'Lieve Noor, Sint heeft een raadsel, luister goed en denk eens na. Ik ben klein en bruin en rond, ik smaak naar kaneel en ik rol over de grond. Wat ben ik? Heb je het al? Juist, een pepernoot! Sint zag dat jij er dit jaar al heel wat hebt gegeten, dus in dit pakje zit iets waar je langer plezier van hebt. Veel liefs van Sinterklaas en Piet.' Het raadsel zorgt dat het kind meteen meedoet, en daarna komt het gedicht als vanzelf op gang.

Wat je beter laat

Vermijd raadsels waarvan het antwoord alleen volwassenen kennen, zoals details over de intocht van een bepaald jaar. Een sinterklaasraadsel moet oplosbaar zijn met wat een kind zelf van het feest weet. Stel ook geen raadsels die het geloof in Sinterklaas in de weg zitten; laat het spel het spel.

Veelgestelde vragen

Vanaf welke leeftijd kunnen kinderen sinterklaasraadsels oplossen?

De beschrijvende raadsels over de schoen, het paard en de pepernoot zijn geschikt vanaf een jaar of vier, omdat kinderen die dingen zelf hebben gezien. De raadsels over de mijter en de staf vragen wat meer kennis en passen beter vanaf een jaar of zes. Voor oudere kinderen maak je ze moeilijker door minder aanwijzingen te geven.

Hoe verwerk ik een raadsel in een sinterklaasgedicht?

Zet het raadsel aan het begin en geef het antwoord pas een paar regels later, of laat de ontvanger het hardop roepen. Kies een raadsel dat naar het cadeau verwijst als dat kan. Houd het bij twee tot vier regels, zodat het gedicht zelf de hoofdrol houdt.

Kan ik deze raadsels gebruiken voor een speurtocht?

Ja, elk antwoord kan een plek in huis zijn. De schoen ligt bij de deur, de wortel voor het paard in de koelkast, de chocoladeletter in de kast. Schrijf elk raadsel op een kaartje en verstop het volgende kaartje bij het antwoord.