Sinterklaasgedichtjes en wensen voor kinderen

Korte, vrolijke Sinterklaasteksten voor kinderen: gedichtjes voor bij het schoencadeau, liedjes voor de Sint en briefjes van de Sint zelf.

Lieve Sint, ik zet mijn schoen,
en ik hoop dat u iets leuks wilt doen.
Voor uw paard een wortel, voor u een lied,
want zonder u is december niets.

Dag Sinterklaas, hier ben ik weer,
ik zing een liedje en nog veel meer.
Ik was dit jaar lief, dat weet u wel,
dus mijn schoen is klaar voor het sinterklaasspel.

Piet, loop zachtjes over het dak,
ik hoor je soms in mijn slaap, dat is gek.
Stop in mijn schoen iets lekkers, ik ben blij,
en ik zwaai je toe, ook al ben ik klein.

Sinterklaas kapoentje,
gooi wat in mijn schoentje.
Gooi wat in mijn laarsje,
dank u, Sinterklaasje!

Lieve Sint, de pakjesboot is er weer,
ik ben blij en ik wil zoveel meer.
Maar het liefst wil ik een knuffel van u,
want ik vind u heel erg lief, hoor!

Dag lieve Sint, ik schrijf een brief,
want u bent mij zo dierbaar en lief.
Een nieuwe bal zou ik graag krijgen,
en ik beloof dat ik niet meer ga zeuren of zwijgen.

Voor jou, lief kind, van Sint en Piet:
wij zagen dat je goed je best doet.
Je helpt, je deelt en je bent aardig,
dus dit cadeau is voor jou, en dat is eerlijk.

Zie je het kleine kaarsje branden?
Dat is voor jou, van Sint, uit vele landen.
Je was moedig op school en op het veld,
daarom heeft Sinterklaas iets voor je besteld.

Lieve Sint, mag ik bij u op schoot?
Dan zing ik u een liedje, want u bent zo groot.
Mijn schoen staat klaar, mijn tekening ook,
ik wens u een goede reis, van mij en mijn poes.

Beste Sint, ik ben nog klein,
maar mijn schoen staat klaar, dat is fijn.
Er ligt een wortel voor uw paard erbij,
en ik ga nu slapen, dat beloof ik u.

Hoi Sinterklaas, wij zijn met z'n twee,
mijn broertje en ik, en wij zingen mee.
Wij wensen u een goede reis,
en een pepernoot is ons liefste prijs.

Lieve Piet, jij weet wel waar ik woon,
ik heb voor jou een tekening, mooi en schoon.
Zeg maar tegen Sint dat ik heel braaf ben,
en dat ik de pepernoten alleen deel als hij komt.

Ik poets mijn schoen en zet hem klaar,
met een wortel en wat water, dat is waar.
Lieve Sint, ik hoop dat u hem vindt,
want ik ben al weken een braaf kind.

Nog drie keer slapen, dan is het zover,
dan komt de Sint met zijn Pieten hier over.
Mijn schoen staat klaar, mijn tekening ligt erbij,
dus Sinterklaas, kom maar snel naar mij.

Dank u wel, Sint, voor wat u bracht,
ik heb er de hele nacht aan gedacht.
Tot volgend jaar, het was zo fijn,
want bij u wil ik altijd zijn.

Lieve Piet, de schoorsteen staat voor je open,
ik wil je zo graag eens zien lopen.
Maar ik slaap, want zo hoort het te gaan,
dus ik laat een pepernoot voor jou staan.

Sinterklaas en zijn paard,
zijn mij allebei veel waard.
Ik geef het paard een lekkere peen,
en de Sint een knuffel, voor ons alleen.

Ik maakte een tekening voor u, Sint,
met een boot, een paard en een strik als lint.
Hij is niet perfect, maar ik deed mijn best,
ik hoop dat u hem mooi vindt, net als de rest.

Bij oma staat mijn schoen vanavond klaar,
naast de koekjes en de thee, dat is waar.
Lieve Sint, vergeet ook oma niet,
want zij is de liefste die u ooit ziet.

Lieve Sinterklaas, ik heb mijn best gedaan om lief te zijn, ook toen mijn broertje me plaagde. Mag ik daarom een boek en een puzzel? Ik zet een wortel voor uw paard klaar.

Lieve Sinterklaas, ik zit dit jaar in groep 3 en ik kan al lezen. Ik wil graag een boek over paarden. Mag mijn zusje ook iets lekkers? Een dikke knuffel voor u en uw paard.

Sinterklaas, wat heeft u een mooie baard,
en wat heeft u toch een prachtig paard.
Ik zwaai en ik zing, zo hard ik kan,
want u bent mijn favoriete man.

Dag Sinterklaas, ik zing een lied,
de hele week al, dat weet u niet.
Mijn schoen staat klaar met een wortel erbij,
dus kom maar gauw, ik ben zo blij.

Lieve Sint, wat doet u 's nachts?
U rijdt op uw paard, dat heb ik gedacht.
Over de daken en door de lucht,
ik zwaai u vanuit mijn bed, met een zucht.

Lieve Piet, klim zachtjes, hoor,
mijn kleine zusje slaapt al door.
Ik hoor je lopen boven op het dak,
met veel pakjes in je grote zak.

Lieve Sint, ik wil eerlijk zijn,
soms was ik stout, dat was niet fijn.
Maar nu ben ik lief, dat is waar,
dus ik zet mijn schoen voor u klaar.

Het is al donker, de maan is rond,
mijn schoen staat klaar naast de slapende hond.
Lieve Sint, kom maar zachtjes, hoor,
dan hoort niemand u en slaap ik rustig door.

Mijn juf zegt dat u echt bestaat,
en dat u elk jaar weer op de pakjesboot gaat.
Ik geloof haar graag, want elk jaar weer,
zie ik uw hoed en uw staf, en nog veel meer.

Lieve Sint, ik heb één wens,
niet voor mij, maar voor mijn vriend Rens.
Hij heeft geen fiets en wil er één,
geef hem die maar, dan is hij niet alleen.

Zet de schoen, zet de schoen,
dat moet je doen, heeft de juf gezegd.
Een wortel voor het paard, een tekening voor u,
en ik slaap daarna meteen, ik beloof het nu.

Sinterklaas, u bent zo lief,
ik schreef dit liedje en een brief.
Ze zijn niet lang, maar wel van mij,
en dat maakt ze extra mooi, ik ben er blij.

Dank u wel, Sint, voor de chocoladeletter,
hij smaakt van dag tot dag nog beter.
Ik deel een stukje, want delen is fijn,
en zo blijft het sinterklaasfeest nog lang bij ons zijn.

Wanneer je een Sinterklaaswens voor kinderen schrijft

Je schrijft een Sinterklaaswens voor een kind als je een cadeautje of schoencadeau wilt begeleiden met een persoonlijk woord, of als een kind zelf een briefje of liedje voor de Sint wil maken. Het gaat dus om twee soorten teksten: wat een kind aan de Sint schrijft of zingt, en wat de Sint (of jij namens hem) aan een kind schrijft.

Wat wel en niet werkt

Hou het kort en concreet. Kinderen tot een jaar of acht lezen of horen graag drie tot zes regels, met een rijm dat gemakkelijk valt. Noem één specifiek ding dat het kind dit jaar goed deed, zoals zelf leren fietsen of lief zijn voor een broertje. Vermijd waarschuwingen over slecht gedrag; de Sint kijkt liever naar wat goed ging.

Gebruik geen moeilijke woorden en geen ironie die een kind niet snapt. Een grapje over de pieten of de pakjesboot werkt prima, zolang het vrolijk en vriendelijk blijft.

Maak het persoonlijk

Een naam, een hobby of een eigenschap maakt van een standaardrijmpje een eigen gedicht. Denk aan de lievelingsknuffel, de hond, het voetbalteam of de nieuwe school. Vraag vooraf aan ouders, opa of oma waar het kind trots op is, dan heb je meteen de juiste invalshoek.

Toon en medium

Op een kaartje bij het cadeau mag het wat langer zijn, bij een schoencadeau kies je liever twee of drie regels. Wie voorleest, let op het ritme: korte zinnen, duidelijke rijmwoorden en een pauze voor de clou. Via een appje of videoboodschap werkt een kort, warm bericht het best, met de naam van het kind erin.

Een volledig voorbeeld

Lieve Lotte, / de Sint zag jou dit jaar heel goed. / Je leerde fietsen zonder wieltjes / en je troostte je kleine zusje. / Dat zag de Sint, en daarom is dit pakje voor jou, / van Sinterklaas en Piet erbij. / Veel plezier en een dikke knuffel, / van de Sint (en een beetje van mij).

Veelgestelde vragen

Hoe lang mag een Sinterklaasgedichtje voor een kind zijn?

Voor kinderen tot een jaar of zeven zijn vier tot zes regels genoeg. Oudere kinderen houden vaak van wat meer humor en een langer gedicht, maar ook dan werkt kort en rijmend beter dan lang en omslachtig.

Moet ik echt laten rijmen?

Nee, het hoeft niet. Een korte persoonlijke boodschap in gewone zinnen werkt bij jonge kinderen ook, zolang de naam van het kind erin staat en je iets noemt dat het goed deed. Rijm maakt het wel speelser en makkelijker voor te lezen.

Wat schrijf ik als een kind niet meer in Sinterklaas gelooft?

Kies dan een toon die niet kinderachtig is, zoals een knipoog of een persoonlijke grap. Je kunt het gedicht ook een beetje schrijven alsof het tussen kennissen gaat, met een compliment erin. Zo blijft het feest voor iedereen leuk.

Welke onderwerpen kan ik beter vermijden?

Vermijd kritiek op gedrag, vergelijkingen met broers of zussen en dingen die het kind beschaamd maken als anderen meelezen. Kies liever een compliment, een grapje over de eigen hobby of een mooie herinnering.